loading...

Artikel | Nieuws

Arbeidsmarktontwikkelingen in de autoschadeherstel- en carrosseriebranche

OOC heeft een onderzoek laten uitvoeren naar de samenstelling en ontwikkeling van de werkgelegenheid in de carrosseriebranche. In dit artikel lees je een samenvatting van de resultaten.

Namens OOC heeft KBA Nijmegen dit onderzoek uitgevoerd. De hele rapportage van het onderzoek vind je hier.

OOC-bedrijven

Van 2013 tot en met 2017 is er een gestage groei van het aantal OOC-bedrijven. De afgelopen twee jaar is het aantal OOC-bedrijven iets afgenomen, van 2.272 bedrijven in 2017 naar 2.238 bedrijven eind maart 2019.
De carrosseriebranche bestaat vooral uit kleine(re) bedrijven: ruim zestig procent van de OOC-bedrijven heeft 1 t/m 5 werknemers in dienst. De afname van het aantal bedrijven heeft zich vooral in deze categorie kleine bedrijven afgetekend. Het aantal grote bedrijven is de laatste jaren namelijk vrij constant gegroeid. Zo is het aantal bedrijven met 51 t/m 100 werknemers toegenomen van 21 in 2013 naar 31 in 2019 (+48%) en het aantal bedrijven met meer dan 100 werknemers is bijna verdubbeld.

De meeste OOC-werknemers werken in 2019 bij een middelgroot bedrijf van 16 t/m 50 werknemers (30%). Ook in de categorie bedrijven met 6 t/m 15 werknemers werkt een groot deel van de OOC-werknemers (28%).

De meeste OOC-bedrijven zijn gevestigd in de provincie Zuid-Holland (435 bedrijven in 2019), gevolgd door Noord-Brabant en Gelderland (respectievelijk 405 en 352 bedrijven in 2019). In Zeeland komen de minste OOC-bedrijven voor; in 2019 zijn dit er 41.

OOC-werknemers

Eind maart 2019 zijn er 19.577 OOC-werknemers. Kijkend naar de leeftijdsopbouw van het OOC-werknemersbestand valt te concluderen dat dit langzaamaan vergrijst. Het aandeel jongeren (tot 25 jaar) in de branche is afgenomen. Dit geldt ook voor het aandeel werkzame personen in de leeftijdscategorie 25 tot en met 34 jaar. De grootste afname (ruim 6 procentpunt) heeft zich echter voorgedaan in de leeftijdscategorie 35-44 jaar.

In 2019 valt bijna een kwart van de OOC-werknemers in de leeftijdscategorie 45-54 jarigen, een toename van 4 procentpunt ten opzichte van 2008. In de leeftijdscategorie 55 jaar en ouder zien we een toename van bijna 8 procentpunt, van 10% in 2008 naar 18% in 2019. De gemiddelde leeftijd van werknemers is dan ook toegenomen van 37 jaar in 2008 naar 40 jaar in 2019.

Hieronder volgen nog enkele interessante highlights uit de beschrijvende statistieken van het werknemersbestand:

  1. Door de jaren heen is het aandeel vrouwen in de branche iets toegenomen van 10,6% in 2007 naar 11,4% in 2019;
  2. Het aandeel parttimers bij OOC-bedrijven is geleidelijk aan toegenomen van 12,9% in 2007 naar 18,6% in 2019;[1] waarbij mannen vaker parttime zijn gaan werken en vrouwen vaker fulltime zijn gaan werken;
  3. Het grootste deel van de OOC-werknemers woont in Noord-Brabant, gevolgd door de provincies Zuid-Holland en Gelderland. Dit zijn tevens de provincies met de meeste bedrijven.
  4. De functies die het meeste voorkomen zijn schadehersteller (ruim een derde deel), carrosseriebouwer (een op de vijf) en algemeen medewerker (iets meer dan 1 op de 10). Daarnaast is het aandeel autopoetsers behoorlijk toegenomen;
  5. Mannen zijn oververtegenwoordigd in de technische uitvoerende functies en onder project- / afdelingsleiding. De meerderheid van de vrouwen is werkzaam in een administratieve, financiële of (niet technische) staffunctie;
  6. Jaarlijks wisselt zo’n 4% tot 7% van de werknemers van bedrijf binnen de branche.

Instroom van werknemers

De samenstelling van de instroom laat een vrij vast patroon zien. Het grootste deel van de instromers bij OOC-bedrijven betreffen zij-instromers (42 tot 54% van de instroom); dit zijn werknemers die voorheen in een andere branche actief waren. Hiervan is de grootste groep afkomstig uit de uitzendbranche. Waarschijnlijk heeft een deel van deze instromers eerst via een inleenconstructie bij het OOC-bedrijf gewerkt en is de werknemer op den duur in dienst van het OOC-bedrijf gekomen. Dit aandeel in de zij-instroom is door de jaren heen behoorlijk toegenomen en lijkt samen te hangen met de overall stijging van de instroom en de conjuncturele goede tijden, waarin werkgevers sneller bereid zijn uitzendkrachten na de uitzendperiode in dienst nemen. Een tweede grote groep zij-instromers is afkomstig uit aanverwante sectoren, zoals bedrijven in de handel in en reparatie van personenauto’s en lichte bedrijfsauto’s.

Ongeveer 30% van de instromers komt vanuit het onderwijs ingestroomd. Hieronder vallen ook scholieren met een bijbaan bij een OOC-bedrijf ‒ denk aan autopoetsers ‒ maar ook (v)mbo-leerlingen die doorstromen naar een leerwerkbaan in het mbo (in de beroepsbegeleidende leerweg) en zo bij een OOC-bedrijf terecht komen. Dit aandeel in de instroom is door de jaren heen vrij constant.

Het aandeel instromers onder de 25 jaar is (met ruim 40%) relatief hoog. Jongeren zijn daarmee in grote mate oververtegenwoordigd in de instroom, kijkend naar hun aandeel in de instroom ten aanzien van hun aandeel in het totale werknemersbestand (dat zo’n 15 à 16% is). Samen met de leeftijdscategorie 25-34 jaar vormen zij ruim twee derde deel van de instroom.

Uitstroom van werknemers

De jaarlijkse uitstroom ligt tussen de 2.100 en 3.300 werknemers. Ruim een kwart van de uitstromers is jonger dan 25 jaar. Daarmee zijn jongeren dus ook oververtegenwoordigd in de uitstroom. Aanvankelijk was dit de grootste groep onder de uitstromers, maar dat is laatste jaren verschoven richting de leeftijdsklasse die daar boven zit: de 25-34 jarigen. Deze twee categorieën samen vormen ruim de helft van de uitstromers. De laatste jaren is dit aandeel iets toegenomen van 48% in 2014 naar 54% in 2018. Het grootste deel van de instromers is ook jonger dan 35 jaar.

Van de meer recente instroomcohorten werkt ruim de helft na 1 jaar nog in de branche. Na 2 jaar werkt iets minder dan de helft van de instromers nog in de branche.
De branchestandvastigheid van instromers onder de 25 jaar is lager dan de instromers van 25 jaar en ouder. Voor een deel zal dit te maken hebben met tijdelijke bijbaantjes van deze jongeren ‒ autopoetsers komen relatief veel voor onder de uitstromers ‒  en hun nog niet uitgekristalliseerde (school)loopbaan, waarin zij nog moeten ontdekken welk beroep zij in de toekomst willen uitoefenen. Verder kan de hogere uitstroom onder jongeren verklaard worden doordat zij vaker een tijdelijk contract hebben dan werknemers in de oudere leeftijdsklassen. Jongeren hebben mogelijk vaker een tijdelijk contract omdat zij het vak nog moeten leren, nog weinig/geen referenties op de arbeidsmarkt (werkervaring) hebben, of in de branche werken in het kader van een bijbaan of vakantiewerk.

Als men jongeren aan het bedrijf en de branche wil binden dan zou het bieden van meer zekerheid in de vorm van een vast contract daarbij helpen. Het is tevens van belang dat werkgevers hun werknemers de gelegenheid bieden om in het werk te leren. Werknemers die in hun functie willen leren maar dit niet kunnen, hebben een grote kans om weg te gaan. Ook het geven van leiding aan anderen versterkt de binding met het bedrijf en verkleint de uitstroomkans. Goed werkgeverschap en mensen (meer) verantwoordelijkheden geven zijn dus de sleutelelementen om werknemers voor de branche te behouden.

Uiteraard is niet alle uitstroom door de branche te voorkomen, zo gaan er elk jaar werknemers met een welverdiend pensioen, de laatste jaren zo’n 4 à 5% van de uitstroom. Ook raken elk jaar 4 à 5% van de werknemers arbeidsongeschikt en de achterliggende oorzaak is niet in alle gevallen werkgerelateerd.

Het is goed denkbaar dat een deel van de uitstromende werknemers na een paar jaar weer terugkeert in de branche. Dergelijke intersectorale mobiliteit zien we terug bij aanverwante bedrijven die zich hoofdzakelijk toeleggen op de handel in en reparatie van personenauto’s en lichte bedrijfsauto’s en bedrijven in de handel en reparatie van zwaardere bedrijfsauto’s, aanhangers, opleggers en caravans. Het is van belang hierbij te beseffen dat een deel van deze werknemers hun vak buiten de afgebakende branche voortzet. De uitwisseling van werknemers met die aanpalende bedrijven kan zowel voordelen hebben voor de werknemer (een baan dichter bij huis, een baan die beter aansluit bij de voorkeuren) als voor de carrosseriebedrijven/-branche, denk bijvoorbeeld aan de inbreng van kennis en bruikbare praktijken uit andere branches.

[1] Dit aandeel kan nog hoger uitvallen omdat in de brondata de omvang van de baan niet overal ingevuld was. Als deze missende waarden samenhangen met parttimers geven we hier een onderschatting van de feitelijke situatie.

Bekijk andere

Artikelen

Hoe kun je investeren in je eigen toekomst?

Wil jij als werknemer meer uit je werk en jezelf halen? Via OOC is het mogelijk om geheel kosteloos een advies van een loopbaancoach…

Meer lezen

Hoe ziet jouw werk eruit in het jaar 2025?

Benieuwd wat jouw toekomstmogelijkheden zijn?

Meer lezen

De HR-adviseur van OOC ondersteunt je kosteloos bij vragen over jouw personeelsbeleid

Als ondernemer wil je dat je bedrijf én je werknemers het goed doen. Een HR-adviseur van OOC kan je ondersteunen!

Meer lezen
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
Inschrijven